Inleiding
Alkaptonurie is een zeldzame, erfelijke stofwisselingsziekte. Met ‘stofwisseling’ wordt
het omzetten en verwerken van stoffen in ons lichaam bedoeld. Dat is nodig voor de
opbouw van weefsels, zoals spieren, botten en organen en voor het vrijmaken van
energie. De stofwisseling vindt plaats in alle cellen van ons lichaam, waar enzymen
hun werk doen. Als er iets mis is met een enzym, is de stofwisseling verstoord. Een
bepaalde stof kan niet meer worden omgezet en hoopt zich op in de cel, terwijl het
mogelijk belangrijke product te weinig of soms helemaal niet meer gevormd wordt.
Deze situatie kan tot min of meer ernstige klachten leiden. Dit noemen we een
stofwisselingsziekte.
Alkaptonurie was een van de eerste stofwisselingsziekten, die Garrod in 1902
ontdekte. Garrod is de grondlegger van de erfelijke metabole ziekten.
Achtergrond
Eiwitten en aminozuren
In onze voeding kunnen we drie verschillende soorten voedingsstoffen
onderscheiden: vetten, koolhydraten (suikers) en eiwitten. Er zijn een heleboel
verschillende soorten eiwitten. Ze zitten bijvoorbeeld in vlees, melkproducten, brood
en andere graanproducten, en peulvruchten.
Eiwitten worden op allerlei plaatsen in het lichaam gebruikt. Allereerst zijn ze een
bouwstof voor spieren en geven ze stevigheid aan de huid en de botten. Veel
eiwitten zijn betrokken bij de opname en verwerking van andere stoffen in het
lichaam. Hormonen zijn gemaakt van eiwitten, net als antistoffen, die door het
immuunsysteem worden gemaakt om virussen en bacteriën op te ruimen.
Voor al die verschillende functies zijn verschillende eiwitten nodig. Die krijgen we niet
allemaal kant en klaar binnen via de voeding. In ons lichaam worden de eiwitten die
we eten eerst afgebroken. Daarna maakt het lichaam er precies die eiwitten van die
het nodig heeft.
Alle verschillende eiwitten zijn opgebouwd uit een beperkt aantal bouwstenen, de
aminozuren. Je zou eiwitten kunnen vergelijken met kralenkettingen. Er zijn twintig
verschillende soorten kralen (de aminozuren), waarmee je bijna oneindig veel
verschillende kettingen kunt rijgen. Alle eiwitten die het lichaam binnenkrijgt met de
voeding, worden dus eerst afgebroken tot aminozuren, waarna het lichaam er nieuwe
eiwitten van ‘rijgt’.
Behalve als bouwstenen van eiwitten spelen de aminozuren een belangrijke rol in de
stofwisseling van levende cellen. Vele aminozuren zijn voorlopers van belangrijke
biomoleculen, zoals vitamines, purines, pyrimidines, porfyrines en hormonen. Ook
kunnen aminozuren afhankelijk van de behoefte, verwerkt worden tot glucose (en
glycogeen) of “verbrand” worden via de zogenaamde citroenzuurcyclus, zodat er
energie ontstaat.
De aminozuren worden onderverdeeld in essentiële aminozuren en niet-essentiële
aminozuren. Essentiële aminozuren haalt de mens uit het voedsel, omdat het
lichaam ze niet zelf kan maken. Fenylalanine is een voorbeeld van zo’n essentieel
aminozuur. Tyrosine wordt in het metabolisme gemaakt uit fenylalanine. Niet
essentiële aminozuren maakt de mens zelf.
Stoornissen in de aminozuurstofwisseling
Alkaptonurie behoort tot de groep van stoornissen in de aminozuurstofwisseling.
Patiënten met alkaptonurie hebben problemen met de afbraak van het aminozuur
tyrosine. Stoornissen in de aminozuurstofwisseling kunnen het resultaat zijn van een
gestoorde afbraak van aminozuren of het onvermogen van het lichaam om
aminozuren in de cel te krijgen. Dit zorgt voor een ophoping van één of meerdere
aminozuren of van tussenproducten.
Het defecte of ontbrekende enzym bij alkaptonurie
Alkaptonurie wordt veroorzaakt door een defect in het enzym 1,2-homogentisaat
dioxygenase. Door een erfelijke afwijking werkt dit enzym niet goed bij patiënten met
alkaptonurie.
Zeldzaamheid
Alkaptonurie is een zeldzame ziekte. Het is niet precies bekend hoe vaak de ziekte
voorkomt in Nederland.
Andere stoornissen in het tyrosine metabolisme
Behalve alkaptonurie bestaat er nog een aantal andere afwijkingen in de
stofwisseling van tyrosine. Dit zijn:
Tyrosinemie type 1 (defect in het enzym fumarylacetoacetate hydrolase)
Tyrosinemie type 2 (defect in het enzym tyrosine aminotransferase)
Tyrosinemie type 3 (defect in het enzym 4-hydroxyphenylpyruvate dioxygenase)
Hawkinsurie (defect in het enzym 4-hydroxyphenylpyruvate dioxygenase)
Alkaptonurie (defect in het enzym homogentisaat dioxygenase)
Symptomen
Patiënten met alkaptonurie hebben geen symptomen als kind. Het enige opvallende
verschijnsel dat vanaf de vroege jeugd aanwezig kan zijn, is dat de urine van
alkaptonurie-patiënten donker bruin verkleurt als het enige tijd aan de lucht wordt
blootgesteld. Omdat niemand zijn urine “zomaar” een tijdje laat staan, leidt dit
gegeven vrijwel nooit tot ontdekking van de ziekte. Wel wordt de ziekte soms bij zeer
jonge kinderen ontdekt, doordat hun natte luiers donker bruin kleuren.
De meeste patiënten vertonen rond hun dertigste levensjaar pigmentvorming in hun
oogbollen en in het kraakbeen van hun oren. Die pigmentvorming kan ook elders
optreden, onzichtbaar in kraakbeenweefsels, maar ook in de huid, bijvoorbeeld op de
neus of de handen. De verkleuringen zijn grijs, zwart of blauw-achtig. Vanwege de
okerkleur onder de microscoop, wordt de pigmentafzetting ook wel ochronose
genoemd.
Vanaf hun dertigste tot veertigste levensjaar krijgen patiënten echter te maken met
ernstiger ziekteverschijnselen. Zij ontwikkelen ernstige artritis, die soms doet denken
aan reuma, omdat de ziekte acuut kan opvlammen. Vaak beginnen de klachten in de
rug of in de gewrichten van knie en heup. Naast pijn, hebben patiënten een ernstige
beperking in de beweeglijkheid van gewrichten. Ook groeien gewrichten vaak aan
elkaar vast, met name in de wervelkolom. Hoewel sommige gewrichten door
kunstexemplaren vervangen kunnen worden, kunnen de symptomen er uiteindelijk
toe leiden dat patiënten rolstoelafhankelijk of zelfs bedlegerig worden. Dit gebeurt
meestal pas rond het zestigste levensjaar. De gewrichtsproblemen zijn erger bij
mannen dan bij vrouwen.
Als alkaptonuriepatiënten ouder worden kunnen ze hartziekten en nierstenen krijgen.
Over het algemeen lijkt de levensverwachting van alkaptonuriepatiënten niet
verlaagd.
Diagnose
In de meeste gevallen zijn de klinische symptomen van patiënten dusdanig duidelijk
dat de diagnose alkaptonurie gemakkelijk gesteld wordt. Eventueel kan daarbij
onderzoek naar de uitscheiding van homogentisinezuur in de urine worden verricht.
De diagnose kan worden bevestigd met enzymonderzoek, maar dit wordt zelden
gedaan, omdat men daarvoor een stukje uit de lever moet wegnemen. Een andere
manier om de diagnose te bevestigen is DNA onderzoek. Omdat hiervoor slechts het
bloed hoeft te worden onderzocht, verdient dit de voorkeur.